LT Publications en hun vertaalwerk: Deel 3

Avonturen

Eerder schreef ik al dat de redactievergadering niet helemaal goed is gegaan. Het is voor een lezer fijn als er consequent met woorden wordt omgegaan. Is het “scores” of “waarden”, gebruiken we leder of lederen om aan te geven dat iets van leer gemaakt is. Daar moet eerst een besluit over komen en dan moet iedereen zich er aanhouden. Het handigst zou zijn als er een lijst wordt bijgehouden met deze woorden.

Dit is duidelijk niet goed gegaan bij het vertaalteam van LT Publications. De avonturen zijn duidelijk door verschillende mensen geschreven, want er is geen consequent gebruik van termen, wat in het ene boek wordt gebruikt vind je in een ander avontuur niet terug. En ook komt het voor dat twee termen afwisselend worden gebruikt in een en hetzelfde avontuur. En het is niet alleen met woorden, ook de memo over leestekens is niet goed doorgekomen. Waarschijnlijk is het niet iets waar je vaak over nadenkt, maar als je een boek opmaakt dan zie plotseling dat er heel veel manieren zijn om aanhalingstekens te zetten. De bekendste is tegenwoordig waarschijnlijk “twee dubbele aanhalingstekens boven”, maar het kan ook ‘met twee enkele’. De manier waarop ik het op de basisschool leerde was zo: „Eerst laag en afsluiten met een hoge”, en dan hebben we de kenmerkende variant »de twee guillemets« en je kunt meteen zien dat dit uit het Duits komt, want eigenlijk horen de twee guillemets andersom, « op zijn Frans », ja met een extra spatie, en de Duitsers doen het zoals wij al jaren kennen uit de boeken. Het probleem begint als elk lid van het vertaalteam zijn eigen software gebruikt, want elke tekstverwerker en mogelijk ook de instelling van je toetsenbord kan er voor zorgen dat je een andere aanhalingsteken krijgt. En dan moet je dus een hele goede zoek&vervang-functie hebben, want voor je het weet het je ook een apostrof te pakken en staat er “s ochtends in je tekst. Zo zie je maar dat het opmaken van een boek geen sinecure is.

„ ” “ ” ” ” ‘ ’ ‘ ‘ » «

Van het eerdere werk van LT Publications konden we dan ook verwachten dat er van alles mis zou gaan bij het uitgeven van deze Klassiek-reeks, en Luc Teunen heeft ons niet teleurgesteld. De boeken zijn geheel terecht op nul euro gewaardeerd en dat is ook precies wat deze boeken uit de Klassiek-reeks waard zijn.

Het lastige van Das Schwarze Auge

De eerste boeken van Das Schwarze Auge zijn geschreven door slimme mensen, mensen met veel feitenkennis (of dikke encyclopedieën), een grote woordenschat en een bloemrijk taalgebruik. Althans dat is mijn inschatting, nu ik zelf ook wat teksten heb vertaald. En die combinatie maakt het heel lastig om het werk te vertalen. Er zitten woordspelletjes in verwerkt, en die vind je soms wel en soms niet maar meestal kun je het niet overnemen. Günter benoemde “des neblig grauen Alltagsmeer“. Alltag is “het leven van alledag”, “het dagelijkse leven”. Je kunt dat niet in één woord omzetten (maar misschien heb ik het mis, ik nodig iedereen uit om een mooie vertaling te bedenken). Met Sleurzee is denk ik geen slechte poging gedaan, als je bij sleur denkt aan “han­del­wij­ze waar­bij je ge­dach­te­loos de ge­woon­te volgt” maar ik las het zelf als het werkwoord sleuren; slepen. En wielerfans kunnen de associatie hebben met een wielrenner die aan de kop sleurt , ongeveer het tegenovergestelde van het zelfstandig naamwoord. Misschien dat de vertaalster er ook Grijze Sleurzee van heeft gemaakt om het troosteloze erbij te stoppen. Maar zo zie je al bij één woord dat het haast ondoenlijk is om een goede vertaling te maken.

En dan is er het bloemrijk taalgebruik, in de oude boeken is daar zeer zeker sprake van. Ik heb ooit wat teksten aan een geboren en getogen Duitse laten zien en die viel haast achterover van haar stoel. De bloemrijke taal is nodig want je wilt een sfeer neerzetten, je wilt een beeld in de hoofden van de Meester en de spelers krijgen. Maar omdat het bloemrijk is, is het lastig. Een uitdrukking daar, een beeldspraak hier, een vertaler moet nu weten wat er bedoeld wordt. En dat is soms onbegonnen werk. Als lezer, ook een Duitse, is dat soms niet erg, je leest een zin, snapt hem niet helemaal, leest verder en je krijgt dan wel de bedoeling mee, of niet maar dan is er nog geen man overboord. Als je een boek vertaalt heb je die luxe niet. Je kunt niet een zin een beetje vertalen, zelf niet doorhebben wat er precies bedoelt wordt en dan verder gaan. In het ergste geval zul je dan die zin zelfs weg moeten laten. Maar dat doe je pas nadat je veel tijd hebt gestoken om er achter te komen wat de schrijver nou eigenlijk wilde zeggen. Voor de vertaling van Elfenlot (een ingekorte versie van Die Phileasson-Saga) heb ik op dsaforum.de meerdere keren vragen gesteld over wat er bedoeld wordt. Zo kost het vertalen van een boek, als je het goed wilt doen, heel veel tijd. Want Elfenlot lukte mij alleen maar omdat ik de hulp had van mensen die diep, heel diep in de wereld van Avonturië zitten. Zonder een goede kennis van Das Schwarze Auge is het niet mogelijk, heb je meteen de reden waarom de Schmidt/Selecta-reeks niet zo heel goed is.

Herberg “Het zwarte everzwijn”

Liefde

Smaken verschillen, dus het kan zijn dat je niet met alles eens bent wat ik nu ga schrijven. Hoeveel liefde zie ik terug in de Klassiek-reeks? Nou, niet heel veel. Ulisses heeft wel heel erg weinig moeite gestoken in de kaften. Zie hier de kaft van het ons allerbekende eerste avontuur:

De tekening in het midden is een kopie van het origineel, dat is niet verkeerd, je wilt met een klassiek-reeks de nostalgie terughalen.

Het logo bovenaan, is niet een kopie uit 1985, alleen het gestileerde oog. Het origineel had nog niet dat 3D-randje.

O kijk, een plankje is aan het nieuwe logo vastgemaakt. En om er zeker van te zijn dat alles lekker willekeurig is: het logo lijkt op steen, dan metalen haken die het houten plankje met een metalen rand vasthouden. Waarom?

Ulisses wilde echt niet veel geld geven aan de kaftenmaker, dus zijn de kaften zwart met een cirkel waarin de afbeeldingen van het oude boek zijn ingeplakt. Dit vind ik ronduit lelijk en ziet er liefdeloos uit.

En om het af te ronden: de titel. Niet alleen de keuze van het lettertype maar ook wat er mee gedaan is. Ik weet, smaken verschillen, ik zei het zelf al, maar kom op. Er is toch werkelijk niemand die dit mooi vindt? Zelf fröbel ik ook wat met photoshop en dan is dit je tweede poging met het proberen van wat effecten, waarna je tegen jezelf zegt dat dit niet is wat je wilt en je weet dat je nog een lange weg voor je hebt met uitproberen.

En de binnenkant is voor de Nederlandse versie helemaal niet klassiek, want voor de opmaak is gebruik gemaakt van de originele opmaak van de Duitse boeken: “auf Grundlage der Erstauflage”. In de Lage Landen waren de eerste boeken van Schmidt/Spectrum en die zagen er heel anders uit aan de binnenkant. We hebben allemaal kritiek op het werk van Spectrum maar de lay-out van die boeken was prima in orde. Persoonlijk vind ik die het beste van allemaal, maar dat wisten jullie al.

En dan heb je dus gekozen voor een Klassiek-reeks, Ulisses weet welke boeken daarin gaan komen, het is een afgebakend geheel van 11 boeken. Kijk wat er later in de reeks gebeurd:

He, de middencirkel verdwijnt in twee stappen! En bij de laatste is ook het Oog maar weggelaten, want waarom zouden we moeite doen om de reeks te voorzien van een consequente vormgeving? Hup, oude boeken opnieuw uitbrengen en geld verdienen! Voor Ulisses waarschijnlijk, voor LT Publications iets minder waarschijnlijk.

Een gedachte over “LT Publications en hun vertaalwerk: Deel 3

  • 9 september 2021 om 07:54
    Permalink

    Anders dan jij vind ik het een alleraardigste poging om het “klassieke” deel van OdM aan de man te brengen.
    Natuurlijk “wij” oudere hangen aan het verleden, en vinden de oude vertrouwde lay-out het mooist.
    Maar echt afzichtelijke vind ik de pdf’s dan weer niet.
    Lelijk al zeker niet, maar dat is dan smaak denk ik.

    Of ik de ‘bundel’ begrijp is een ander.
    Ik zou zelf meer gekozen hebben voor een “regelbundel” met daarin opgenomen ‘boek van de macht, ‘boek van avontuur’, ‘boek van de regels’ en de uitbreidingsregels.

    Het gaat om een klassieke versie, dus je kunt per direct de uitbreiding er in stoppen. Wat als voordeel heeft ook de ‘nieuwe heldentypes’ geïntroduceerd zijn.
    En de vaardigheden en ‘slechte eigenschappen’.
    De meeste van ons zijn wel bekend met deze, en zullen ze al invoeren bij newbees.

    Waarom ik het zo stelt is simpel, je doet wel twee OdM2 (blij mee hoor) avonturen bij.
    Ik vind dat zonder de uitbreidingsregels zonden om al een ‘heks’ te introduceren dat een held uit 2 is terwijl de Woud/bos elf en Zwerver er nog niet in zitten.

    En ik zou er apart ook een ‘avonturen bundel’ als introductie los bundel hebben gedaan.
    Met minimaal alle 1/1.5 avonturen.
    Regelwerk is leuk maar zowel Selecta/Spectrum als FPO gingen ten onder aan gebrek aan avonturen, of beter te lang uitstellen er van.
    En zo zou ik alle oudere versies afwerken, met één redactionele regel, avonturen, avonturen, avonturen want uiteindelijk draai het spel om het spelen daarvan en niet om door Regelwerk te worstelen

    Beantwoorden

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: